De adolescent 15 tot 17 jaar
Hoe tevreden je bent in een intieme relatie,
hoe veilig je je voelt bij de mensen om je heen en hoe opstandig je je
voelt, van binnen en naar buiten, zijn zaken die hun beslag krijgen als je
tussen de 15 en 17 bent. Tegen het midden van de puberteit kwamen we in
seksueel opzicht enigszins tot rust. We begonnen met "vaste relaties"
Paarvorming vond nog steeds plaats in de groep waar we toe behoorde
aangezien de groep de basis was voor onze identiteit, maar we begonnen
langzaamaan te leren wat er nodig was voor een langere relatie - al
betekende lang in die tijd tussen de 6 weken en 6 maanden. Acceptatie door
leeftijdgenoten werd belangrijker dan acceptatie door onze ouders, maar we
hadden de veiligheid van thuis nog wel nodig - al zouden we dat natuurlijk
nooit toegeven.
We deden ons zelfstandiger voor dan we ons voelde en gedroegen ons
opstandiger dan we eigenlijk waren. Het was een tijd waarin we een eigen
persoonlijkheid gingen vormen, los van het gezin waar we uit voortkwamen.
"Anders" zijn dan onze ouders betekende dat we los van hen waren. Zo vormden
we onze persoonlijkheid: we maakten ons los van onze ouders en de rest van
het gezin en deden ons best anders te zijn dan zij. Deze fase leek op de
peuterfase, omdat we opnieuw moesten leren "nee"te zeggen. De vijftien tot
zeventienjarige in ons zal door zijn of haar gedrag in opstand komen tegen
alles waar ons volwassen ik moeilijk "nee"tegen kan zeggen. Als ons
volwassen ik eenmaal in staat is grenzen te stellen en nee te zeggen, zal de
adolescent in ons minder opstandig worden, maar tot dan zal dit deel van
onszelf blijven rebelleren. We rebelleren tegen dingen waarvan we het gevoel
hebben dat ze onveilig of oneerlijk zijn.
Als je ooit met adolescenten te maken hebt gehad, zul je gemerkt hebben
dat een tiener een scherp oog heeft voor inconsequenties, onoprecht gedrag
of onrechtvaardigheden. Niets ontgaat ze. Ze kunnen vaak tussen de
regels doorlezen en weten precies wanneer je onzeker bent over iets wat je
van ze vraagt. Als je je autoritairder gedraagt dan je je voelt, zullen ze
je uitlachen, als je een machtsstrijd met ze aangaat en eist dat ze iets
doen wat jij wilt, doen ze net of ze je niet horen. Een machtsstrijd voeren
met een kind in die leeftijd is een ramp - je verliest het altijd. Een
adolescent heeft meer energie om te vechten dan een volwassenen, want het
maakt deel uit van wat hij of zij in deze periode moet leren. Ze komen
altijd voor zichzelf op, ook als ze weten dat ze fout zitten. Door in
discussie met volwassenen op hun standpunt te blijven staan, veroveren ze
zich een identiteit.
De vorming van een eigen identiteit was het
belangrijkste dat je in deze ontwikkelingsfase moest leren. Opstandigheid
was en is nu ook nog een reactie op alles wat je zelfbeeld bedriegt. Als je
volwassen bent, probeer de adolescent in je jouw eigenheid te beschermen.
Deze tiener zal alles doen om zich te onderscheiden. Als iemand jou naar
zijn of haar hand probeert te zetten en jou wil vormen naar zijn of haar
ideaalbeeld, zal de adolescent in je heftig protesteren. Deze tiener
reageert op alles wat in zijn of haar ogen een bedreiging vormt voor jou
individualiteit. Als het gedrag van een ander je kwaad maakt, wrok of
negatieve oordelen oproept, is het vaak de adolescent in jou die daarmee
aangeeft dat jou identiteit geweld wordt aangedaan en dat er een grens
gesteld moet worden. Het gaat daarbij om gevallen waarin je je emotioneel
aangerand"voelt, bv wanneer een vriend of vriendin zonder te vragen je huis
binnenvalt, wanneer je partner je in de rede valt, of wanneer een vreemde op
straat tegen je opbotst zonder excuses te maken. Door een grens te stellen
maak je mensen duidelijk dat het je niet bevalt wat ze gedaan hebben.
Als je volwassen ik die grens niet trekt,
voor zichzelf opkomt en iets aan de situatie doet, zal de adolescent in je
in opstand komen. Kwaadheid en wrok zijn reacties op een gevoel van inbreuk
op je persoon. Als je bij zo'n inbreuk niet voor jezelf opkomt, leidt dat
tot opstandigheid. Dit deel van jezelf genezen wilt zeggen dat je beide
dingen moet leren: Grenzen stellen en opkomen voor jezelf. Daar is oefening,
geduld en volharding voor nodig, maar op een dag lukt het je. Iedere keer
dat je je kwaadheid serieus neemt en een grens stelt, zal het gemakkelijker
worden. De adolescent in je kan ook in opstand komen als hij of zij bang is
dat je je gedrag zodanig wilt veranderen dat je hele leven daardoor anders
zal worden. Dit deel van je draagt de angst voor wat er zal gebeuren als je
daarin slaagt. De adolescent zelf kan bang zijn vanwege het feit dat het
volwassen ik in staat is zichzelf grenzen te stellen of iets vol te houden
wat doorzettingsvermogen vereist.
Als je bv moeite hebt met een dieet, of met bepaalde oefeningen heeft dat
vaak te maken met de adolescent in je: deze is bang dat als je het gestelde
doel inderdaad verwezenlijkt, de dingen te anders zullen worden. het is dus
beter de zaak te saboteren dan teleurgesteld te worden, te falen of er
slecht uit te zien. Om dezelfde reden verzet je je ook vaak tegen promotie
op je werk. Of je verzet je tegen structuur omdat die structuur wel eens tot
succes zou kunnen leiden.
De adolescent in je begrenzen is een deel van
het genezingsproces. Veel mensen laten dit opstandige deel van zichzelf hun
leven bepalen. Omdat je niet in staat bent tot een rijpere vorm van
onafhankelijkheid blijf je je hele leven gevangen zitten in opstandigheid.
je komt overal tegen in opstand - tegen de regels, tegen gezagdragers, tegen
sociale en godsdienstige beperkingen. Je komt in opstand tegen je partner of
je ouders, en waarschijnlijk ook tegen jezelf.
Mogelijke problemen uit deze
ontwikkelingsfase
* gevangen zitten in actieve of passieve
opstandigheid
* niet voor jezelf op kunnen komen.
* veel kritiek op gedrag van anderen en
sterke neiging dat gedrag te bestuderen
* overdreven betrokkenheid bij het leven van
je partner omdat je hem of haar als afspiegeling van jezelf ziet
* Zo bang zijn om te vallen dat je nooit ontdekt wat je eigen smaak is