|
|
Het doel van ons bestaan
Seth: “Je geest verbindt zich met vlees om in
het vlees een wereld van ongelooflijke rijkdom te ervaren, om een
dimensionale werkelijkheid van kleuren en van vorm te scheppen. Je geest
was in een biologisch lichaam geboren om een schitterend gebied van
zintuiglijk bewustzijn te verrijken, om de energie te voelen die gemaakt
wordt in een lichamelijke vorm. Je bent hier om jezelf door middel van het
lichaam te gebruiken, te genieten en uit te drukken.” “Je bent hier om te helpen bij de grote uitbreiding van het bewustzijn. Je bent hier niet om te huilen over de ellende van de menselijke omstandigheden, maar om deze te veranderen wanneer je ze niet in overeenstemming vindt met de vreugde, de kracht en de vitaliteit die in je is; om de geest even toegewijd en even prachtig in het vlees je creëren als je kunt.”
“In de
meest fundamentele zin is het doel van het leven zijn … als tegenstelling
van niet-zijn. In je systeem van de driedimensionale werkelijkheid leer je
over mentale energie (ook wel denkenergie of psychische energie genoemd)
en hoe je die moet gebruiken.”
“Kennis
over mentale energie en zijn gebruik wordt verkregen door het voortdurend
transformeren van je gedachten en emoties naar stoffelijke vorm (je
fysische werkelijkheid) en door het daarna op te merken en te gaan werken
met de materie en de gebeurtenissen die gevormd zijn.”
“Hierdoor word je geacht een duidelijk plaatje
te krijgen van je innerlijke ontwikkeling wanneer het door de buitenwereld
wordt gereflecteerd. Je participeert in de stoffelijke werkelijkheid,
zodat je kunt handelen en ervaren binnen deze dimensie. Hier kun je jouw
vermogens ontwikkelen, leren, creëren, problemen oplossen en anderen
helpen.”
‘Wat is
grof aan je lichaam, of aan de seizoenen die door je lichaam en over de
aarde stromen? Waar bevindt zich een grotere verrukking en een fijnere
kracht dan wat je bent? En wat zit in je binnenste? Van daaruit vorm je al
jouw werkelijkheden en al jouw werelden. Kijk naar de verstilde horizons,
de bloedloze waar je geest bent zonder vorm. Wanneer de geest geen vorm
zou willen, dan zou het dit niet gedragen hebben. Het zou het niet
dagelijks in je verbeelding laten zien, buiten je eigen wensen om. Het zou
niet trillen in je vingertoppen en vliegen door het kanaal van je
beenderen.”
“Je
schepping is je goddelijkheid en je kennis, want door je schepping drukt
je goddelijkheid zich uit. Je ontwaakt uit de droom die je gelooft dat je
droomt. Je droomt over je geloof dat je wakker bent; want de benamingen
zijn zonder betekenis. Je maakt morgen vanuit je wensen, zoals je jouw
heden en jouw verleden vormt. Het gewaarzijn van je ingewanden is een god
die in je lacht, dus verheug je hierover! Wanneer de goden geen ingewanden
nodig zouden hebben, dan zouden ze die niet maken. Wanneer de goden zich
niet zouden verheugen over de glimlach op je lippen, dan zou je geen
lippen nodig hebben en de goden zouden dit betreuren en jij zou dit
betreuren!”
“Welnu, in je ervaring is de vreugde van je
wezen … en die fijne, slimme, zuivere natuur schudt zichzelf wakker door
de boom van het vlees en de lidmaten van de armen en kijkt door je eigen
individuele ogen naar het Universum dat het gecreëerd heeft en ziet dat
het goed is. Wat is grof aan je wezen? Alleen je geloof! Je verlicht een
werkelijkheid die in andere universa als sterren verschijnen en ze kijken
en ze zeggen: “Wat een schoonheid, wat een afstand en wat een fijn,
onverklaarbaar bestaan is dit?”
“Zoals
jullie allen weten en wat iedereen verteld zou moeten worden – niet door
mij maar vanuit jezelf – spontaniteit kent zijn eigen orde. Wanneer je een
diep vertrouwen in jezelf hebt, maak je je geen zorgen over je
verantwoordelijkheden. Wanneer jij jezelf bent vervul je automatisch elke
verantwoordelijkheid. De goden creëerden het Universum uit vreugde en
speelsheid en creativiteit, niet omdat ze dachten dat ze het moesten doen.
Je wezen is gezegend en spontaan omdat het is. En door dit op een
natuurlijke wijze te verwezenlijken vervult het zijn doeleinden en, in
jullie termen, zijn verantwoordelijkheid.”
“Wanneer jij het zelf bent dat je bent,
gebruik je jouw vermogens uit vreugde. Wanneer je uit verantwoordelijk je
vermogens gebruikt dan vervorm je ze. Je helpt omdat je denkt dat het
moet, niet omdat het een vreugdebestanddeel van je wezen is en je
afvraagt: “Wie heeft mijn hulp het hardst nodig?”
“Kun je je voorstellen dat de zon denkt: “Wie
heeft mijn hulp het meest nodig? Zal ik mijn stralen eerst naar die bloem
sturen, of naar die andere? Welke bloem heeft mijn hulp het meest dringend
nodig?” ; of de regen die zegt: “Welk grassprietje zal ik zegenen met
mijzelf?”
“Nee, de Zon is zichzelf, zoals jullie jezelf
zijn en door je wezen zegen jezelf en alle anderen. Wanneer jij jezelf
bent, kun je jezelf vertrouwen; dan worden je verantwoordelijkheden
automatisch vervuld. Maar wanneer jij jezelf niet vertrouwt, kun je geen
enkele verantwoordelijkheid verwezenlijken en geen enkel mens helpen.”
“Wanneer je niet de wonderbaarlijke aard kunt
voelen van je eigen werkelijkheid in dit bijzondere moment dat je het
heden noemt, hoe verblind zou je dan zijn en hoe weinig zou je dan denken
in termen van doeleinden. Je werkelijkheid is het doel en kent zichzelf.
Wat een rijk, onbepaald wonder is nu in je wezen! Je lijkt een schilderij,
een gedicht en je noemt deze grandioos. Wanneer je de wonderbaarlijke
structuur van je eigen wezen nu zou voelen, en zou waarderen, in welk een
verwondering zou je dan verkeren!”
“De waardering moet uit jezelf komen. Je denkt
dat je je bewust bent van de technieken waarover je leest. Luister eens
naar één cel in je lichaam en hoor hoe het zingt met voornemen,
integriteit en vreugde!”
“Voel een kroonblad! Voel de
kroonbladkwaliteit van je eigen gedachten. Wees jezelf in het moment en,
opnieuw, wat is de kracht van het heden! Ik laat het je zien, maar het is
je eigen kracht en het is nu in jou, de energie die je voelt.”
“Ieder van jullie bezit dezelfde energie
(spreekt nu luid en krachtig) en het zingt in je wezen. Je hoeft hiervoor
niet bang te zijn. Het is je eigen energie! Je hoeft geen goeroes, goden,
Ruburts of Seths te zoeken. Het woont in je innerlijk.”
“Er is een spiritualiteit in je weefsel. De
stoffelijke schepping is heilig en goed. Er is niets mis mee. Atomen en
moleculen zijn heilig. Je bewustzijn is heilig en zelfs je kleine teen is
heilig. Je kunt verlangen … je moet zelfs verlangen naar datgene wat in
jou is. Maar Al Dat Is bevindt zich nu in jou.”
“Je hoeft
geen werelden te doorkruisen, je hoeft niet hopeloos weinig goden bij
doorgangen te ontmoeten om je te vertellen of je wel of niet kunt
binnentreden of testen moet afleggen, zoals sommige ‘psychische begaafden’
je vertellen. Je hoeft geen beslissende rituelen te volgen. Je hoeft
alleen maar in jezelf te zoeken naar de bron van verrukking, creativiteit
en zang … “Welnu, Ruburt maakt contact met mij en nu dit is gebeurd, ben
ik als het een of andere levende, immer groeiende veld dat je tenslotte
bereikt. Het hangt van jou af of je in dat veld wilt dwalen om je eigen
idiote bloemen te plukken en je eigen paden te vinden. Op dit moment is
het veld er – het veld dat mijn werkelijkheid en toch je eigen
werkelijkheid is – en je moet het intellectueel onderzoeken en je eigen
wegen hierin vinden.”
“Zijn bronnen ontspringen uit je eigen wezen
en uit de bron van creativiteit dat zich in je bevindt. De leraar bevindt
zich in je en je bent zelf de leraar die je niet (h)erkent, en de stem die
in je dromen spreekt is je eigen stem die je niet herkent, terwijl deze
spreekt uit de oude bronnen van kennis die je eigen bronnen zijn.”
“Ik heb jullie vaak verteld dat ik geen
rondspokende gids ben die ’s nachts tot je spreekt. Ik ben mezelf, maar ik
ben ook het sprakeloze deel van je eigen zelf. Ik ben het hoogtepunt dat
je hebt bereikt en waarvan je niet weet dat je het hebt bereikt. Ik ben je
eigen hartenklop. Ik heb wel mijn eigen individualiteit, maar dit betekent
absoluut niet dat er geen ontmoetingspunt is tussen wat ik ben en wat jij
bent …”
“Ik wil je laten begrijpen dat op dit moment
in je tijd, je eigen cellen reageren op wat ik zeg. Niet omdat ik dit zeg,
maar omdat je cellen ook door mijn stem spreken en door de vergeten delen
van je waarnaar je niet wilt luisteren. De stem die schreeuwt in de
wildernis, is je eigen stem en de stem die antwoordt uit de eonen van tijd
die je niet begrijpt, is je eigen stem.”
“Je hebt tegenhangers, je bent niet alleen. Je
hebt broeders en zusters die je niet herkent. Stratosferen die door de
nacht vliegen, in jullie bewoordingen nu, bezitten bewustzijn en muziek.
De lucht die je wang streelt is levend. Ook die heeft liefde en verrukking
gekend en zal opnieuw …”
“Besef daarom dat je eigen vitaliteit
onbegrensd is, het is altijd nieuw; het stroomt even gemakkelijk en
natuurlijk door je eigen lichaam als de energie door je vorm stroomt. Je
hoeft het alleen maar aan te nemen en te erkennen. De vitaliteit van het
leven is niet kalm, het is niet volwassen, het is niet statig. Het IS!
Alle steegjes waarin je bent afgedaald bezitten openingen. Alle rampen die
je over jezelf hebt afgeroepen hebben openingen. Elke energie die je naar
enig deel van je stoffelijke verbeelding wilt brengen, wacht alleen op
jouw verzoek. Elke gedachte die je hebt, is creatief …”
“De energie die even gemakkelijk en even
miraculeus een bloem doet groeien of een haar uit je schedel laat ontstaan
of een gedachte doet oprijzen in je brein, is dezelfde als die in jou
bestaat. Het is je eigen energie, je eigen goddelijkheid die zich in jou
bevindt. De verbindende wegen die jou vormen en die alles van jou kennen,
zijn gemaakt vanuit deze vitaliteit. Het groeit en verzorgt in stilte,
maar het is niet van zichzelf rustig . Het is energiek en het is niet bang
voor rust. Het vormt je. Beschouw het als je goede vriend en negeer het
niet.”
“Ik vraag je met de kracht achter deze stem te
vereenzelvigen en dit in iedere cel te voelen, want het is je eigen
kracht, je eigen energie, je eigen kennis en de goddelijkheid waarvan je
afstamt en die een deel van ieder van jullie is. De stem die antwoordt is
je eigen stem, luister daarom naar die stem met liefde en begrip”
“Twee jonge vrouwen bezochten onlangs Ruburt.
Ze waren uitbundig, energiek en vervuld van een jeugdig idealisme. Zij
wilden de wereld veranderen. Werkend met het Ouija bord, ontvingen ze
berichten die hen vertelden dat ze inderdaad konden deelnemen aan een
belangrijke missie. De ene jongedame wilde haar baan opzeggen,
thuisblijven en zich onderdompelen is het ‘psychische werk’, in de hoop
dat haar aandeel in de wereldverbetering op die manier bereikt kon worden.
De andere was een kantoorbediende.” “Er is niets stimulerender, niets waardevoller om te realiseren, dan de wens de wereld ten goede te verbeteren. Dat is inderdaad de missie van ieder persoon (als voornemen). Je begint – werkend in je eigen unieke omgeving – met je eigen leven en activiteiten. Je begint in het hoekje van een kantoor, of op productielijn, of op een advertentieafdeling, of in de keuken. Je begint waar je bent … Wanneer je je eigen vermogens ten uitvoer brengt, wanneer je je persoonlijk idealisme uitdrukt door het naar je beste vermogens uit te werken in je dagelijkse leven, dan verander je de wereld ten goede.” |
||